Rund december 2013

 BGP en BBP

Binnen 12 maanden na de laatste herziening moeten het Bedrijfsgezondheidsplan en Bedrijfsbehandelplan geëvalueerd en opnieuw opgesteld worden. Zorg er dus voor dat u tijdig een afspraak maakt met uw 1 op 1 dierenarts om deze plannen te evalueren en aan te passen.

 

Richtlijn Droogzetten

 

Preventief droogzetten mag niet meer sinds 2012; dit is wettelijk bepaald. Selectief droogzetten is nu de norm. Sinds kort is voor dierenartsen de richtlijn droogzetten beschikbaar. Deze richtlijn geeft invulling aan de wettelijke normen. Per 1 januari 2014 zal door dierenartsen volgens deze richtlijn worden voorgeschreven en zullen de koeien aan de hand hiervan moeten worden drooggezet. De richtlijn geeft aanbevelingen voor het gebruik van antimicrobiële middelen bij het droogzetten van koeien. Dit is gebaseerd op de beschikbare kennis over uiergezondheid en het droogzetten. De aanbevelingen hebben tot doel het preventief gebruik van antibiotica zoveel mogelijk te beperken, zonder dat dit leidt tot een overmatige toename van curatief gebruik van antibiotica vanwege klinische of subklinische mastitis.

 

Lunchbijeenkomst

 

Om u handvatten te geven voor selectief droogzetten en een succesvolle droogstand organiseren we een aantal lunchbijeenkomsten. De bijeenkomst staat gepland op: maandag 20 januari van 12.00 tot 14.00 uur in de praktijk inChaam. Opgeven kan tot een week voor de bijeenkomst via telefoon of mail. Kosten zijn 25€ per persoon, klanten met een abonnement krijgen 25% korting.

 

Koe-Kompas

 

Het Koe-Kompas is een instrument waarmee u uw bedrijf kunt optimaliseren wat betreft diergezondheid, dierenwelzijn en voedselveiligheid. Aan de hand van 7 onderwerpen wordt een risicoanalyse van uw hele bedrijf uitgevoerd. Hiermee wordt inzichtelijk gemaakt waar uw sterke punten liggen en waar u stappen kunt zetten tot verbetering. De kracht van het Koe-Kompas ligt in het preventieve karakter. Door twee keer per jaar uw bedrijf te analyseren worden risico’s tijdig gesignaleerd waardoor problemen kunnen worden voorkomen. Het Koe-Kompas voldoet aan de eisen van het BedrijfsGezondheidsPlan (BGP). Er hoeft dus geen apart BGP opgesteld te worden indien u deelneemt aan Koe-Kompas. Daarnaast vervalt ook de PBB-verplichting. Wel moet jaarlijkshet BedrijfsBehandelPlan geevalueerd worden. Om koekompas uit te mogen voeren moeten dierenartsen een 6 daagse cursus volgen. Binnen onze praktijk zijn vanaf 2014 twee dierenartsen opgeleid om het KoeKompas uit te voeren.

 

Koe van Piet

 

Zoals enkele mensen wel weten is Piet Dirven naast veearts ook hobbyboer. Hij heeft onder andere een hele makke Lakenvelder staan. Deze koe is zo mak dat hij gebruikt is als figurant bij de opname van een TV programma. U kunt vrijdag 13 december om 20.25 uur afstemmen op NL3. Deze uitzending van de wereld draait door Univerisity staat compleet in het teken van rundvlees.Ter geruststelling: de koe van Piet staat inmiddels weer veilig op stal in Ulicoten!

 

UDD regeling

 

De UDD-regeling treedt in maart 2014 in werking, een samenvatting: In het kader van het antibioticumbeleid voor de veehouderij is door de Staatssecretaris en de minister van VWS deze zomer een brief naar de Tweede Kamer verzonden over de uitwerking van de UDD–maatregel. De UDD-regeling bepaalt dat antibiotica uitsluitend na diagnose en op voorschrift van een dierenarts mogen worden gebruikt. In de UDD-regeling krijgen álle antibiotica de UDD status: dat betekent dat ook de toediening in beginsel uitsluitend door de dierenarts plaatsvindt. Onder strikte voorwaarden, waaronder een één-op-één-relatie tussen veehouder en dierenarts, een vaste bezoekfrequentie, bedrijfsgezondheids- en bedrijfsbehandelplan mag de veehouder wel zelf eerste keus antibiotica toedienen.

 

Eerste keus antibiotica: Eerste keus antibiotica zijn middelen die niet kritisch zijn voor humane toepassing. Op basis van de bovengenoemde voorwaarden mogen deze middelen op het bedrijf aanwezig zijn voor de behandeling van individuele zieke dieren. De voorraad mag maximaal zo groot zijn dat 15% van de vatbare dieren behandeld kan worden. Dit zijn de middelen die op de BBPs staan. Eerste keus antibiotica zijn oa: Dofatrim®, Depocilline®, Engemycine®, Mamyzin®, Nageboortetablet®, Nuflor®, Orbenin (extra) dry cow®. Hierbij mag Orbenin (extra) dry cow®ook alleen ingezet worden bij hoogcelgetal dieren en dus niet preventief.

 

Tweede keus antibiotica: In principe mogen géén tweede keus middelen op het bedrijf aanwezig zijn, tenzij: - De dierenarts in de afgelopen 14 dagen het bedrijf heeft bezocht én heeft vastgesteld voor welke dieren en welke indicatie een behandeling met een 2e keus middel noodzakelijk is; - De dierenarts een schriftelijke instructie heeft achtergelaten; - Er in het bedrijfsgezondheidsplan voor de betreffende aandoening preventieve maatregelen zijn opgenomen, om de huidige uitbraak te bestrijden en herhaling te voorkomen. Tweede keus antibiotica zijn oa: Ampicilline®, Draxxin®, Metricure®, Neopen® Supermastidol®. Voor mastitisinjectoren zoals Albiotic Formula®, Avuloxil® en Ubrolexin® is een uitzondering toegezegd. Dit zijn tweede keus middelen, maar mogen wél op het bedrijfsbehandelplan staan en op het bedrijf aanwezig zijn.

 

Derde keus antibiotica: Derde keus antibiotica moeten zo beperkt mogelijk worden ingezet, omdat die levensreddend kunnen zijn in de humane geneeskunde. Derde keus middelen mogen alléén voorgeschreven worden bij individuele dieren, nadat op basis van bacteriologisch onderzoek èn gevoeligheidsbepaling is gebleken, dat eerste en tweede keus antibiotica niet werkzaam zijn. Derde keus antibiotica zijn oa: Enroxil®, Cobactan®, Excenel®, Pathozone®